Sessie Kinesthetisch werken met deelpersoonlijkheden, nooit goed genoeg

Hope voelt zich na een eerdere sessie veel beter. Ze is sterker en kan na het besluit niet meer met de vader van haar kind een intieme relatie te hebben beter haar eigen weg gaan, is zelfverzekerder.

Hope geeft aan kwetsbaarder te willen zijn. Ze heeft nog wel wat controle en voelt zich soms niet goed genoeg, vooral door de reactie onlangs van haar stiefmoeder. Ze wil haar humor terug en ze wil vrij zijn als een vlinder.

De zes delen die opkomen zijn respectievelijk van links naar rechts: nooit goed genoeg (8 jaar), haar 10 jarige, boosheid (blijkt 15/16 jaar te zijn), authentieke zelf, humor, vrijheid.

In de verschillende delen voelt zij het volgende:
Nooit goed genoeg, de 8-jarige, is erg verdrietig, zij voelt zich niet serieus genomen en voelt zich niet goed genoeg. Ze is een dromer, ‘niemand snapt mij’.
Haar 10 jarige voelt zich eenzaam en voelt zich anders, begrijpt niet waarom ze niet begrepen wordt.
Boosheid, de puber van 15/16 jaar, wordt niet voor vol aangezien en voelt zich niet gehoord, “heb de moed niet te vragen waarom ze me niet serieus nemen”.
Authentieke zelf geeft het op. Wil met rust gelaten worden, “het heeft geen zin meer”.
Humor: “ik zou zo graag mijn humor laten zien dat ik leuk ben, ik kan iets leren, heb diepgang”.
Vrijheid voelt als verlichting, “ik vlieg en ben blij, ik ga naar eigen plekjes en kom terug als ik weer iets kan betekenen”.

Vanuit de overzichtsplek (de regie) kijkend naar de verschillende delen ontstaat het volgende:
De 8-jarige kan zij naar zich toe halen en ze zegt: “droom jij je droompjes maar, het maakt jou uniek, het is wel goed, je mag dit zijn. Ga maar spelen, alles is goed”. Ze kan het innerlijk kind in zich opnemen, vlak boven haar geamputeerde borst, als het helemaal rustig is en tegen haar zeggen dat zij het nooit meer in de steek laat.

Tegen haar 10 jarige zegt ze: “maak je maar geen zorgen, alles komt goed, je hebt een mooi leven voor je, geniet van de dingen om je heen en er zijn altijd mensen die voor jouw bedoeld zijn, voor contact en voor het wijzen van de weg”.

Tegen boosheid, de puber van 15/16 jaar, zegt ze: “laat je boosheid varen, en geloof in je eigen waarheid, accepteer jezelf en laat je boosheid niet in je weg staan, je te kort doen. Jij mag kiezen met wie je vriendschap wilt, laat je niets aanpraten, men weet soms niet beter accepteer het, ga bloeien. Wees niet bang, boos”.
De puber komt niet zomaar dichterbij, dat vindt ze eng. Het is nodig meer te doen, ze zegt (met hulp van de therapeut): Wij mogen voor onszelf gaan, we mogen humor gebruiken, we mogen ons gevoel volgen met humor en vrijheid, we mogen lekker vliegen, doe het maar, geloof maar in jezelf”. En Hope vervolgt met: “vanuit veiligheid mag je ontplooien, je bent grappig, je mag boos zijn als je grenzen wilt stellen, je mag zeggen wat je niet leuk vindt. We mogen genieten. Je mag alles bij jezelf ontdekken.” De puber staat nog te wankelen, ze vervolgt, pratend over de puber: “ze heeft zichzelf met boosheid beschermd, dan is ze minder kwetsbaar”. En weer tegen haar puber: “ik wil je vertellen dat je je best kwetsbaar op mag stellen, dit kan je veel brengen. Weerbaarheid hoeft niet met boosheid, er zijn andere manieren. Ik heb het geleerd, het is niet eng. Starre boosheid blokkeert. Ik help je wel, kom maar … en tegen de therapeut: ze komt als een wit engeltje en zit nu naast me”.
Hope zegt: “het heeft 20 jaar geduurd dat ze dichterbij kwam, eindelijk, niet op schoot – zoals de andere twee -, maar met armen om elkaar heen, als tweelingzussen”. De puber is niet meer wit, maar heeft zwarte kleren zoals zij zelf, ze lijken helemaal op elkaar. “Zwart is een manier om te beschermen”, zegt Hope.
De therapeut herhaalt alle positieve elementen en geeft de tijd om een te worden, samen te smelten. Ze is opgenomen met een zekere afstand net als de andere twee bij haar geamputeerde borst.
De therapeut geeft nog de suggestie om dagelijks met de puber te praten, zodat het vertrouwen per dag mag groeien, stap voor stap, de tijd nemen.

Het Authentieke zelf: Hope zegt over dit deel: “zit op zijn gemakkie” en het deel zegt: “Kom maar op, we gaan het doen.” Het deel zit wat onderuit. “Als ze me niet leuk vinden, ook best”. Het is tevreden, er is rust, het is rustig. “Ik voel me onschendbaar, kom maar op”. Het deel wordt in het hele lijf opgenomen.

Humor en Vrijheid willen zich in het hart nestelen bij haar geamputeerde linker borst. Ze voelt zich gevuld en heel groot. “Ik mag anders zijn, uniek zijn, het op mijn manier doen! Nu vanuit mijn hart leven!”